de groene prinses

letters en lekkers voor veggies en andere smulpapen


Wortel-erwten-pittenspread vegan

wortel-erwten-pittenspread Groene Prinses
Deze groentespread maakte ik voor het eerste toen ik een restje wortelen-met-erwten over had. Als kind moest ik niets hebben van deze klassieker, maar omdat mijn Geliefde wel van het gerecht houdt, duikt het nu soms op in mijn keuken. Intussen kan ik ook best genieten van de combinatie van erwten en worteltjes.

En met een kliekje kun je dus een lekkere spread maken. Zo lekker dat ik er nu soms speciaal wortelen en erwtjes voor stoof.

Deze spread smaakt goed op getoast brood, met nog wat kiemen erbij.

voor een klein potje vol

Ingrediënten
• 5 flinke el van een restje wortelen en erwten
[of:
• 1 el olijfolie
• 1 klein uitje, gesnipperd
• 1 wortel, in blokjes
• 1 handjevol erwten (diepvries of vers in het seizoen)
• 1 scheutje appelazijn
• peper en zout
• een vleugje geraspte nootmuskaat
• een scheutje water]

• 1 el zonnebloempitten
• 1 el pompoenpitten
• 1 el (zwart) sesamzaad
• 1 el walnoten, gehakt
• 1 flinke tl lichte miso (vervang eventueel door sojasaus)
• 2 el olijfolie
• 2-3 el water
• peper en zout

Zo maak je het
Heb je geen restje om van te vertrekken, bereid dan eerst de wortelen en erwten. Stoof de uisnippers in de olijfolie tot ze gaar zijn. Voeg de wortelblokjes toe en een klein scheutje water. Laat een paar minuten stoven en voeg dan een scheutje appelazijn, peper, zout en nootmuskaat toe. Laat stoven tot de wortelen beetgaar zijn. Voeg de erwten toe en stoof nog heel even tot ze ontdooid en gaar zijn. Laat afkoelen.

Doe nu al ingrediënten – behalve het water en peper en zout – in de blender en mix fijn. Voeg beetje bij beetje het water toe tot je een smeuïge spread hebt.

Is je blender niet heel krachtig, dan kan het helpen om de pitten en noten op voorhand te laten weken. Je hebt dan normaal gezien geen extra water meer nodig.

Breng de spread op smaak met peper en zout. Smeer een dikke laag op toast of brood en geniet!

De lekkerste recepten met tofoe, tempé en seitan

tofoe tempe en seitan©Groene Prinses
Van de zogenaamde ‘vleesvervangers’ die zo veel mogelijk op vlees moeten lijken, houd ik eigenlijk niet echt. Vaak zijn het sterk bewerkte producten die heel wat overbodige toevoegingen bevatten. Ik kook liever met veel groenten, granen, peulvruchten en noten, zodat al die kant-en-klare vleesvervangers niet nodig zijn.

Maar voor drie producten maak ik toch graag een uitzondering: tofoe, tempé en seitan. Je zou ze ook tot de ‘vleesvervangers’ kunnen rekenen, want het zijn immers plantaardige, eiwitrijke producten. Maar voor tofoe, tempé en seitan heb je geen industriële bewerkingen nodig. Het zijn voedingsmiddelen die al ettelijke jaren meegaan en die je – als je er de tijd voor hebt en van wat experimenteren houdt – zelf zou kunnen maken (in tegenstelling tot Quorn of chick’Pieces bijvoorbeeld). Kies je voor kwaliteitsmerken, dan komen er alleen maar ‘degelijke’ ingrediënten aan te pas.

Doorgewinterde vegetariërs zijn ongetwijfeld vertrouwd met deze producten, maar wie slechts af en toe vegetarisch eet of nog maar net dapper van start is gegaan met bijvoorbeeld Dagen zonder vlees, haalt wellicht zijn neus op voor deze producten, die er – toegegeven – op het eerste gezicht misschien niet zo heel smakelijk uitzien.

Maar dat zijn ze wél! Tenminste als je ze goed klaarmaakt. Nog niet overtuigd? Probeer een van de volgende recepten en ik trek je over de streep! ;-)

tofoe_tomatenspread_detail ©Groene Prinses
Tofoe
Tofoe, ook wel ‘sojakaas’ genoemd, is gestremde sojamelk. Zo simpel is het. Dit witte goedje heeft niet veel smaak, dus je moet flink marineren of tofoe laten sudderen in smaakvolle sauzen. Je hebt verschillende soorten tofoe: van heel stevige tot heel zachte (zijdetofoe). Soms moet je even zoeken naar een merk dat voor jou precies de juiste textuur heeft. Al hangt dit natuurlijk ook af van het gerecht dat je maakt.

Mijn beste tofoerecepten? Tofoe-tomatenspread voor op de boterham, tofoebroodjes met een slaatje, tofoe op de wijze van 1001 nacht (laat je niet misleiden door de niet zo geslaagde foto ;-) ) en voor als het zomer wordt: tofoe met een Hongaarse twist of sobanoedels met komkommer en tofoekoekjes.

Nog meer lekkers op het web? Pad thai, Shepherd’s Pie en Hot Chilli Pepper Tofu.

Tempé
Tempé is het minst bekend van de drie, en wellicht ook het minst geliefd. Nochtans is tempé heel gezond en bijzonder van smaak. Tempé is een koek van gefermenteerde sojabonen. Dankzij die fermentatie is tempé makkelijker te verteren dan tofoe. Net als tofoe, moet je tempé goed marineren of combineren met sterke smaakmakers. Zelf houd ik het meest van de gerookte variant. Snijd die tempé in heel kleine stukjes, marineer ze in sojasaus en bak ze krokant in wat olie. Een perfect alternatief voor gebakken spekjes!

Mijn beste tempérecepten? Gratin van pasta, andijvie en tempé, appel-witlofsalade met postelein en tempé, mangorijst met tempé en spinazie en in de zomer: zommerrolletjes met tempé en gemberdipsaus.

Nog meer lekkers op het web? Witlofsoep, Mango Peanut Tempeh Tacos en Brussels Sprout & Tempeh Stir-Fry.

seitan_knolselderij_cranberry ©Groene Prinses
Seitan

Seitan is het meest ‘vlezige’ product van de drie en daarom vaak het meest geliefd bij ‘beginnende’ vegetariërs (seitangehakt kan in spaghettisaus of chili heel goed doorgaan voor ‘echt’). Seitan heeft niets met soja te maken, maar bestaat uit eiwitrijke tarwe- of speltgluten. Wie een glutenallergie heeft, laat seitan dus maar beter links liggen.

Koop altijd seitan van uitstekende kwaliteit. Wat je in de doorsnee supermarkt vindt, is vaak maar een taai goedje. Seitan moet mals van textuur zijn. In biowinkels vind je lekkere seitan (ik noem niet graag merken, maar die van Bertyn is heel goed), weliswaar niet zo goedkoop, maar beschouw seitan maar als de ‘steak’ onder de vleesvervangers.

Mijn beste seitanrecepten? Seitan & knolselderij met cranberry-portosaus, seitanstoverij met kastanjes, kleine gehaktbroodjes met uienjam, pasta met zoete tomatensaus en seitan en in de zomer of herfst: romige auberginepuree met seitankoekjes.

Nog meer lekkers op het web? Groenteragout met seitan en Heirloom Beans & seitan.

Welke toppers met tofoe, tempé of seitan eten jullie graag?

Oppeppende pinda-koolsoep vegan

Pinda-koolsoep : Groene Prinses
Februari is de maand waarin ik me steevast wat futloos begin te voelen. Het verlangen naar lente en langere dagen wordt almaar hardnekkiger. Hét moment om lekkere oppeppers in mijn gerechten te smokkelen. Gember en chili bijvoorbeeld. Ze zijn perfect om wintergroenten als kolen wat kracht bij te zetten. Dit pittige en voedzame soepje is bovendien erg makkelijk te maken. Precies waar futloze dagen om vragen :-)

Hoeveel chilipepers je het best gebruikt hangt af van de sterkte van de pepers en je eigen smaak. Mijn hoeveelheid is dus maar een richtlijn!

voor 4 personen

Ingrediënten
• 1 el kokosolie of olijfolie
• 1 ui, gesnipperd
• 1-2 chilipepers (afhankelijk van de sterkte en je eigen smaak), zaadjes verwijderd en fijngehakt
• 3 cm verse gember, fijngehakt
• 1 mini wittekool (of de helft of een kwart van een grotere kool; een kleine spitskool kan ook), in fijne reepjes gehakt
• 400 g tomatenpassata
• 1 l groentebouillon
• 4 el pindakaas
• peper
• zout
• een bosje korianderblad, grof gehakt

Zo maak je het
Verwarm de olie in een grote kookpan. Voeg de uisnippers, chilipepers en gehakte gember toe. Laat op een zacht vuurtje stoven tot de ui glazig wordt.

Voeg de koolreepjes toe en laat met het deksel op de pan een vijftal minuten stoven. Roer af en toe.

Doe de passata en de bouillon erbij. Laat het geheel ongeveer 20 minuten zachtjes sudderen, of tot de kool gaar is. Roer de pindakaas erdoor tot hij oplost in de soep en warm alles nog even goed door.

Breng op smaak met peper en zout.

Schep de soep in kommen en bestrooi met gehakt korianderblad.

Kookboekentip: A modern way to cook

A modern way to cook 1
Sinds een poosje heb ik een nieuwe culinaire heldin. Ze heet Anna Jones. Ik schreef al eens een enthousiaste blogpost over haar eerste kookboek Een nieuwe kijk op eten, maar nu ik ook haar nieuweling A modern way to cook in huis heb, kan de pret helemaal niet meer op.

Dit boek is nog niet vertaald naar het Nederlands en toen ik het onlangs in Londen in handen had, twijfelde ik even: zou ik wachten op een Nederlandse vertaling (die er, naar ik vermoed, wel ooit zal komen)? Bij het doorbladeren van het boek, wist ik echter algauw dat het antwoord op die vraag ‘nee’ zou zijn. En dus reisde het boek mee van Londen naar Antwerpen.

A modern way to cook 3
Snel, vers, veggie
Net als het vorige kookboek van Jones staat dit boek vol met vegetarische recepten die een glansrol geven aan verse groenten en spelen met allerlei slimme smaakmakers. Het grote verschil? De gerechten in A modern way to cook zijn bedoeld om zo snel mogelijk op tafel te staan.

Dit kookboek is dan ook niet ingedeeld volgens hoofdstukken als ‘voorgerechten’, ‘hoofdgerechten’ en ‘desserts’, maar wel volgens tijd. Van gerechten die in 10 minuten op tafel staan (‘In the time it takes to set the table’) tot recepten die 40 à 45 minuten tijd vragen (‘Forty-minute feasts’). Voor dagen dat er meer tijd is, is er ook nog het hoofdstuk ‘Investment cooking’ met recepten voor onder andere notenboters, granola en bouillon, en tips voor het koken van granen en peulvruchten.

De tijdsaanduiding bij de recepten moet je soms met een korreltje zout nemen. Waar Anna Jones slechts 10 minuten nodig heeft voor bijvoorbeeld ‘Smoky pepper en white bean quesadillas’, mag ik toch al snel op het dubbele rekenen (en ik vind mezelf nu ook niet de allertraagste kok ;-) ). Hoe dan ook: het blijven gerechten die niet al te veel werk en tijd kosten, maar die wel vers, gezond en smaakvol zijn.

Kleine twists
Eigenlijk kook ik de laatste jaren nog maar weinig uit kookboeken en toch ben ik zo blij met de boeken van Anna Jones. Dat komt omdat ze me, meer nog dan recepten om van A tot Z te volgen, inspiratie schenken. Jones laat je zelf nadenken over smaakcombinaties en manieren om een snelle maaltijd op tafel te zetten. Daar houd ik van!

Niet zelden kwam ik in dit boek recepten tegen die lijken op dingen die ik sowieso al maak. Jones’ recept voor ‘Lentil ragù agrodolce’ vertoont grote gelijkenissen met een pastasaus die ik geregeld op tafel zet. Maar de twee dadels die zij aan de stoverij toevoegt om ze een zoete toets te geven, waren voor mij nieuw. En precies die kleine twists maken het boek voor mij de moeite waard. Subtiele accenten die ik graag mijn eigen keuken binnensmokkel …

A modern way to cook 2
Zalig zoet plezier

Er zijn een paar recepten die ik wel quasi klakkeloos volg. Namelijk die voor de zoetigheden. Jones gaat graag op zoek naar zoete hapjes en desserts die een stuk gezonder zijn dan wat je doorgaans aan desserts vindt. En ze doet dat meesterlijk! Haar ‘Raw cookie dough bars’ en ‘Salted almond butter chocolate bars’ waren hier een instant hit. Ongelofelijk gemakkelijk en om duimen en vingers bij af te likken. Nu kan ik niet wachten om haar ‘Chocolate and Earl Grey pots’ uit te proberen.

Als dit de moderne manier van koken is, dan ben ik heel graag modern! :-)

Havermoutpap & snelle kumquatmarmelade vegan

havermoutpap1 ©Groene Prinses
Voor mij bestaan er twee soorten havermoutpap. Er is de uiterst simpele versie die ik maak op ochtenden dat ik me moet haasten. Ik warm snel wat havermout met amandelmelk op en giet er een scheut ahornsiroop over. In het beste geval strooi ik er walnoten en rozijnen, stukjes dadel of gedroogde abrikoos over.

Op ochtenden dat ik meer tijd heb, wordt havermoutpap echter een heel ander verhaal. Dan maak ik luxeversies met gestoofd fruit of snelle compote, geroosterde noten en een uitgekiende mix van specerijen. De fluwelige pap laat zich zo goed met allerlei smaakmakers combineren, dat je kunt blijven experimenteren.

Onlangs liet ik me in de biowinkel verleiden door feloranje kumquats. De juweeltjes onder de citrusvruchten, zeg maar. Samen met wat honing maak je er in no time een lekkere marmelade van. Ik gebruikte oranjebloesemhoning, maar andere honing kan natuurlijk net zo goed. En veganisten kunnen aan de slag met rijst- of tarwestroop. Dan heb je misschien wel wat meer nodig, aangezien die stropen minder zoet zijn dan honing.

Geen liefhebber van havermoutpap? Deze kumquatmarmelade is ook heerlijk bij pannenkoekjes of op toast. En ik kan me voorstellen dat hij ook zalig smaakt bij chocolademousse.

Wat zijn jullie favoriete toppings voor havermoutpap?

voor 2 porties

Ingrediënten
• ca. 15 (biologische!) kumquats
• 1 flinke eetlepel (oranjebloesem)honing (of een beetje meer rijst- of tarwestroop)

• 75 g fijne havermout
• 500 ml amandelmelk
• 0,5 tl kaneelpoeder
• 1 vanillestokje

• een handjevol amandelen

Zo maak je het
Was de kumquats goed. Snijd ze in schijfjes en verwijder de pitjes. Vang zo goed mogelijk het sap op tijdens het snijden.

Doe de kumquatschijfjes en hun sap in een steelpannetje. Doe er de honing bij en laat alles op een zacht vuurtje ongeveer een kwartier inkoken. Roer geregeld en let op dat het goedje niet aanbrandt!

Verwarm de oven voor tot ca. 200° Celsius. Strooi de amandelen op een bakplaat en rooster ze enkele minuten in de oven tot ze lichtbruin kleuren. Houd ook hier goed in de gaten dat ze niet aanbranden! Je kunt de amandelen ook in de pan roosteren, maar ik vind het dan moeilijker om ze gelijkmatig te garen.

Neem een tweede steelpan. Doe daarin de havermout, de amandelmelk, het kaneelpoeder en het opengesneden vanillestokje. Gebruik je een ‘nieuw’ vanillestokje, schraap er dan eerst de zaadjes uit en doe ze bij de pap. Ik gebruik echter meestal een ‘leeg’ vanillestokje waarvan ik de zaadjes eerder gebruikte voor een ander recept. De vanillesmaak trekt toch nog lekker in de pap.

Laat de havermout op een zacht vuurtje indikken tot de gewenste consistentie.

Verdeel de pap over twee kommetjes. Schep de marmelade erop en strooi de amandelen erover. Smakelijk!

Een fantastisch bonenrijk 2016 gewenst!

peulvruchten2016 ©Groene Prinses
Voor 2016 wens ik jullie veel gezellige keukenbedrijvigheid, deugddoende maaltijden met vrienden en familie, culinaire en andere ontdekkingen, lepels vol liefde én … de lekkerste bonengerechten! 2016 is door de Verenigde Naties namelijk uitgeroepen tot het internationale jaar van de boon, of de peulvrucht in het algemeen.

Meer dan terecht dat peulvruchten wat extra aandacht krijgen. Ze zijn lekker, gezond, vegetarisch, voedzaam én goedkoop. Wat wil een (veggie) smulpaap nog meer?

Maken jullie al geregeld gebruik van peulvruchten in de keuken? Of wie neemt zich voor om er in 2016 meer mee aan de slag te gaan?

Om jullie alvast met een flinke portie boneninspiratie het nieuwe jaar in te sturen, ging ik op zoek naar mijn favoriete (min of meer winterse) recepten met peulvruchten op dit blog. Wil je nog meer recepten, tik dan ‘bonen’, ‘linzen’ of ‘kikkererwten’ in het zoekveld. Ik beloof bovendien dat ik dit jaar nog meer bonenlekkers zal posten! (o jee, belofte maakt schuld … ;-)

Van adukiboon tot belugalinzen
Adukibonen zijn heerlijke, enigszins zoete bruine boontjes die goed tot hun recht komen in deze quinoa-adukibonenburgers.

Zwartoogbonen zijn al net zo mooi en schattig. Samen met orzo en specerijen belanden ze in een snel pastagerechtje.

Met peulvruchten verzin je tientallen spreads voor op de boterham. Mungbonenspread, pompoenhummus en spread van bonen, kerrie en koriander zijn slechts enkele mogelijkheden.

Hartje winter en toch zin in iets fris? Maak dan deze wortel-kikkererwt-sinaassalade.

En voor wie wil uitpakken met een mooi voorgerechtje raad ik tot slot de blini’s met belugakaviaar aan. In de winter kun je de komkommer in het recept vervangen door rodebietlinten.

Hebben jullie favoriete bonenrecepten? Ik leer ze graag kennen!

Kruidig sap & warme wensen vegan

kruidig sap ©Groene Prinses
Omdat het weer zo ontzettend onwinters is, vind ik het moeilijk om te geloven dat het einde van het jaar echt in zicht is. Al schreeuwt de stad met haar overdaad aan licht en drukte wel heel hard: ‘Het is Kerstmis!’

Zelf smokkel ik graag wat bescheiden kerstgezelligheid in huis. Geen kerstboom of -krans, maar kruidige toetsen in de keuken. Kaneel, kruidnagel, gember, sinaasappel, vanille … zij dompelen me als geen ander onder in kerstsfeer.

Nood aan wat gezellige, kruidige warmte? Maak dan dit warme appelsap met geurige specerijen.

Natuurlijk wens ik jullie ook allemaal een fonkelende, verrukkelijke, behaaglijke en betoverende eindejaarsperiode toe!

voor 2 personen

Ingrediënten
• 500 ml troebel appelsap
• 1 kaneelstokje
• 1 anijsster
• 2 kruidnagels
• een stukje sinaasappelschil (onbespoten!)

Zo maak je het
Doe het sap en de specerijen in een steelpan en verwarm het sap op een zacht vuurtje. Laat het net niet koken.

Giet het sap in glazen of kopjes en geniet!

Vegan banketstaaf met sinaas & kaneel vegan

vegan banketstaaf ©Groene Prinses
Een banketstaaf is in Nederland een klassieker in de sinterklaasperiode. In België is dat gebak van bladerdeeg gevuld met amandelspijs heel wat minder bekend. Toch herinner ik me dat mijn vader vroeger soms zo’n banketstaaf bij de bakker haalde.

Als kind hield ik niet echt van marsepein (daar is intussen dankzij het leren kennen van écht goede marsepein flink wat verandering in gekomen…), maar stukjes banketstaaf schoof ik vlotjes naar binnen.

De echte versie met roomboter is niet te versmaden, maar toch ging ik graag op zoek naar een veganistische versie zonder geraffineerde suiker.

Dit is het resultaat! Beslist anders dan het origineel, maar toch roept deze banketstaaf voor mij net zo goed de heerlijke, warme gezelligheid van Sinterklaas op. De aroma’s van sinaasappel, kaneel en vanille passen trouwens ook perfect bij kerst.

En wat deze banketstaaf helemaal tot een feestje maakt, is dat hij echt reuze makkelijk is.

vegan banketstaaf2 ©Groene Prinses
voor 1 banketstaaf

Ingrediënten
• 1 rol kant-en-klaar (plantaardig) bladerdeeg
• 150 g blanke amandelen
• 75 g dadels (niet gesuikerd en zonder pit)
• 2 el ahornsiroop
• 1/2 tl gemalen kaneel
• het merg van een half vanillestokje
• 1 tl sinaasrasp
• enkele tl vers sinaasappelsap
• een beetje amandelmelk
• 8 hele amandelen

Zo maak je het
Verwarm de oven voor tot 180° Celsius.

Doe de amandelen en de dadels in een keukenmachine en maal ze helemaal fijn.

Roer de kaneel, het vanillemerg, de sinaasrasp en de ahornsiroop erdoor.

Voeg nu theelepel per theelepel sinaasappelsap toe. Roer alles telkens goed door elkaar en controleer of je mengeling al ‘vochtig’ genoeg is. De amandelspijs mag niet te droog zijn, maar zeker ook niet te nat. Je moet er gemakkelijk een ‘balletje’ van kunnen rollen zonder dat het uit elkaar valt en zonder dat je handen heel erg plakken.

Rol het bladerdeeg open. Heb je een ronde lap, snijd de randjes dan weg tot je een rechthoek van ca. 30 bij 15 cm overhoudt.

Rol de amandelspijs tot een lange rol van ca. 12 cm.

Leg de rol op het bladerdeeg. Vouw het deeg eromheen en stop de uiteinden dicht. Leg de rol met de naad naar beneden op een met bakpapier beklede bakplaat.

Bestrijk de rol met amandelmelk en druk de hele amandelen er voorzichtig in.

Zet de banketstaaf 20 tot 30 minuten in de oven, tot het deeg gaar is en mooi lichtbruin van kleur.

Laat de staaf een beetje afkoelen, maar niet helemaal. Enigszins lauw smaakt dit gebak het beste.

Snelle pasta met aardpeer & tijm vegan

pasta met aardpeer ©Groene Prinses
De smaak van aardpeer doet enigszins denken aan artisjok. Daarom houd ik er zo van. Meestal maak ik van aardperen een fluweelzachte soep, maar er zijn nog tal van andere mogelijkheden. Vorige week bereidde ik een super lekkere risotto met aardpeer en raapsteeltjes (helaas was het toen veel te donker voor een foto). Rauw geraspte aardpeer is dan weer een frisse en knapperige toevoeging aan salades. En als het snel moet gaan, dan is deze pasta ideaal!

voor 2-3 personen

Ingrediënten
• 1 flinke el olijfolie
• 300 g pasta naar keuze (ik gebruikte spelt penne)
• 450 g aardperen
• 2 teentjes look, fijngehakt
• 2 tl gedroogde tijm
• 1,5 dl (plantaardige) room
• zwarte peper
• zout
• 1 bosje verse peterselie, fijngehakt
• optioneel: geroosterd sesamzaad of (voor niet-veganisten) wat geraspte Parmezaanse kaas

Zo maak je het
Breng voor de pasta water aan de kook in een ruime kookpan.
Schil de aardperen en snijd ze in kleine blokjes.

Verhit de olijfolie in een kleine kookpan en voeg de blokjes aardpeer toe. Laat een 5-tal minuten stoven met het deksel op de pan. Voeg de look en de tijm toe en laat nog 5 minuten stoven.

Voeg een snuf zout toe aan het kokende water en kook de pasta beetgaar.

Giet de room bij de aardpeerblokjes en kruid met flink wat zwarte peper en een beetje zout. Laat nog eventjes zachtjes pruttelen. Voeg eventueel een beetje van het kookwater van de pasta aan de saus toe om ze wat vloeibaarder te maken.

Giet de pasta af. Roer pasta, saus en gehakte peterselie door elkaar. Serveer onmiddellijk, eventueel bestrooid met wat geroosterd sesamzaad of geraspte Parmezaanse kaas.

Amaranthrepen met amandel & abrikoos vegan

amaranth-haverreep ©Groene Prinses
Het is intussen bijna vier jaar geleden dat ik het recept voor dadel-walnoot-haverrepen postte. En ook al vind ik ze nog altijd heerlijk, het is tijd voor een nieuwe reep. Eentje met gepofte amaranth! Eh, wat?! Amarant ziet eruit als graan, maar is eigenlijk zaad, net als quinoa. Het zit boordevol eiwitten en mineralen. De gepofte versie (die je in de meeste biowinkels wel vindt) is een lekkere toevoeging aan granola, muesli en repen.

Deze repen zijn behoorlijk machtig en rijk aan (weliswaar natuurlijke) suikers; smul er dus van met mate!

O ja, ze kruimelen ook behoorlijk. Je eet ze dus maar beter niet op je gloednieuwe zitbank ;-)

voor ca. 10 repen

Ingrediënten
• 100 g kleine havervlokken
• 25 g gepofte amaranth
• 50 g gehakte amandelen
• 40 g ‘zachte’ gedroogde abrikozen (ongezwaveld!)
• 2 flinke el notenpasta (gemengde noten, hazelnoot of amandel)
• 2 flinke el kokosolie
• 50 g rijststroop
• 2 el ahornsiroop
• 50 g pure chocolade (minstens 72%)

Zo maak je het
Verwarm de oven voor tot 175° Celsius.

Pureer de abrikozen in de blender tot een grove puree. Als je abrikozen redelijk taai en hard zijn, laat je ze het best eerst een poosje weken in lauwwarm water.
Doe de havervlokken, de amaranth en de amandelen in een kom. Roer door elkaar.

Doe de kokosolie, de rijststroop, de ahornsiroop en de notenpasta in een steelpan. Verwarm op een zacht vuurtje tot alles vloeibaar is. Roer de abrikozenpuree erdoor en meng dan alles door het haver-amaranthmengsel.

Bekleed een vierkante of rechthoekige bakvorm met bakpapier. Doe het granolamengsel erin en druk het stevig aan. Bak in de oven gedurende ca. 30 minuten. Controleer regelmatig of je repen niet aanbranden.

Haal de bakvorm uit de oven en laat een vijftal minuten staan. Maak met een mes inkepingen, zodat je de repen later kunt afbreken. Haal het geheel, met bakpapier en al, uit de bakvorm en laat helemaal afkoelen op een taartrooster.

Smelt de chocolade au bain-marie. Sprenkel de gesmolten chocolade over de afgekoelde repen. Laat de chocolade hard worden en breek de repen in stukken. Bewaar ze in een afgesloten blik.