de groene prinses

letters en lekkers voor veggies en andere smulpapen


Amandel-kaneelbroodjes (de gezonde versie :) vegan

vegan amandel-kaneelbroodjes ©Groene Prinses
Een van de redenen dat ik me zo aangetrokken voel tot Scandinavische landen is ongetwijfeld de Scandinavische bakkunst, en ik denk dan meer bepaald aan kaneelbroodjes. Mm, niets zo zalig als zo’n warm, geurig gebakje verslinden op een koude winterdag. Kaneelbroodjes passen helaas niet in mijn plan om wat minder geraffineerde suikers te consumeren (ja hoor, voornemen nummer 2! ;-) Of toch? Wat gebeurt er als je zo’n broodje ‘gezond’ probeert te maken? Geen geraffineerde suiker, geen boter, gedeeltelijk volkorenmeel… en waarom niet meteen veganistisch? Wel eh, het resultaat zie je hierboven! Ik was meer dan tevreden over de smaak, maar mijn deeg wilde niet zo mooi rijzen als ik had gehoopt. Al is dat voor 100% mijn eigen domme schuld… Je moet de amandelmelk namelijk zachtjes verwarmen en niet, zoals ik domweg deed, heet over de gist kieperen, want dan maak je alle gistcellen dood. Volgende keer beter… O ja, in de ‘originele’ kaneelbroodjes zul je geen amandelen en sinaasappelsap aantreffen, maar ik had beslist geen spijt van die extra toevoegingen!

Misschien kom je in dit recept een paar ‘vreemde’ ingrediënten tegen. Voor kokosolie, chiazaad en kokosbloesemsuiker zul je een bezoekje moeten brengen aan een natuurvoedingswinkel (of je moet deze ingrediënten online bestellen). Kokosbloesemsuiker klinkt als suiker, maar is naar verluidt stukken gezonder. Deze suiker doet, dankzij een lage glycemische index, je bloedsuikerspiegel namelijk niet zo snel stijgen en is bovendien 100% ongeraffineerd, wat wil zeggen dat ook alle vitaminen en mineralen nog aanwezig zijn. Chiazaad, ook al een ingrediënt met tal van positieve eigenschappen, gebruik ik hier ter vervanging van ei (1 el gemalen chiazaad + 3 el water = 1 ei). Als je er een papje mee maakt, krijg je een heel elastische substantie die een mooie samenhang verleent aan je gebak.

Al deze bijzondere ingrediënten zijn niet goedkoop. Probeer verschillende merken te vergelijken en maak een verstandige keuze (online is het aanbod vaak groter).

voor ca. 16 broodjes

Ingrediënten
voor het deeg:
• 250 g volkoren(spelt)meel
• 250 g wit speltmeel
• 1 zakje gedroogde gist (9 g)
• 50 g kokosolie
• 275 ml amandelmelk
• 1 el chiazaad, fijn gemalen
• 1 el gemalen kardemomzaad
• 2 el kokosbloesemsuiker
• 0,5 tl zout

voor de vulling:
• 125 g blanke amandelen, fijn gemalen
• 50 g kokosbloesemsuiker
• 50 g kokosolie
• 2 el gemalen kaneel
• sap van 1 sinaasappel

Zo maak je het
Vermeng het gemalen chiazaad met 3 eetlepels water. Laat een tiental minuten staan.

Verwarm de amandelmelk zachtjes tot hij lauwwarm is (niet heet!). Roer de kardemom erdoor.

Doe de gist in een grote mengkom en giet de lauwe amandelmelk erover. Roer goed. Meng (bij voorkeur in een keukenmachine) de kokosolie, de kokosbloesemsuiker, het chiamengsel en het zout door het gistmengsel.

Meng de twee soorten bloem en voeg ze beetje bij beetje toe aan het vochtige mengsel. Meng en kneed alles goed door elkaar tot je een elastisch, niet plakkerig deeg hebt. Blijf enkele minuten flink kneden. Dek het deeg af met een vochtige theedoek en laat het op een warme plaats 1,5 uur rijzen.

Smelt de kokosolie voor de vulling. Meng de gemalen amandelen, de kokosbloesemsuiker, de kaneel en het sinaasappelsap goed door elkaar. Roer tot slot de gesmolten kokosolie erdoor. Laat even rusten op kamertemperatuur.

Rol het deeg, wanneer het in volume is verdubbeld, uit tot een grote rechthoekige lap van ca. 0,5 cm dik. Verdeel de vulling gelijkmatig over deze lap, maar laat aan één lange kant een smalle strook onbedekt. Begin de lap aan de andere lange zijde op te rollen, zodat je een lange ‘worst’ krijgt. Maak de naad zo goed mogelijk dicht.

Bekleed een grote bakplaat met bakpapier.

Snijd de rol met een scherp mes in ongeveer zestien stukken, en leg de stukken op de bakplaat, zo dat je de vulling langs boven kunt zien (als het goed is, zien je broodjes er min of meer uit als spiralen). Dek de bakplaat af met een vochtige theedoek en laat de broodjes nog 1 uur rijzen.

Verwarm de oven voor op 200° Celsius en bak de broodjes, wanneer ze gerezen zijn, in 10-15 minuten goudbruin. Laat ze lichtjes afkoelen op een taartrooster en verorber ze lauwwarm.

Eet je niet alle broodjes in een keer op? Vries ze dan, verpakt per stuk, in. Als je zin hebt in een vers broodje, haal je er eentje uit de diepvriezer en verpak je het in aluminiumfolie. Leg het zo 20 à 30 minuten in de oven (op 175° Celsius) of tot het broodje door en door warm is (test dit met een mes).

Speltsoep met boerenkool en miso vegan

speltsoep met boerenkool en miso ©Groene Prinses
Een bijzonder voedzaam en lekker soepje dat boordevol gezonde ingrediënten zit. Spelt, boerenkool en miso leveren samen een hoop vitaminen en mineralen. Ideaal dus om de winter te doorstaan! Voorgekookte speltkorrels vind je in natuurvoedingswinkels. Ze zijn super handig, omdat ze in een mum van tijd gaar zijn. Je kunt natuurlijk ook gewone speltkorrels gebruiken, maar die moet je dan wel eerst beetgaar koken voor je ze aan de soep toevoegt.

voor 2-3 personen

Ingrediënten
• 1 el olijfolie
• 1 kleine ui, gesnipperd
• 2 grote wortels, geschild en in blokjes
• 3 stengels groene selderij, vezels verwijderd en in blokjes
• ca. 5 bladeren boerenkool
• 75 g voorgekookte speltkorrels
• 1 tl tijm
• 1 l hete groentebouillon
• 1 flinke el lichte miso
• versgemalen zwarte peper

Zo maak je het
Doe de olijfolie in een grote kookpan en stoof de uisnippers hierin glazig. Voeg de wortel- en selderijblokjes toe en laat met een deksel op de pan ca. 10 minuten stoven.

Roer de tijm erdoor en voeg de groentebouillon toe.

Doe de speltkorrels in de soep en laat 10 minuten koken.

Verwijder de harde nerven van de boerenkool en snijd het blad in reepjes. Voeg de boerenkool toe aan de soep en laat nog 5 à 10 minuten koken, tot de groenten zacht zijn.

Roer de miso door de soep en laat ze nu niet meer koken. Breng op smaak met peper, en eventueel wat zout (aangezien bouillon en miso al zout zijn, is extra zout waarschijnlijk niet nodig).

Dien onmiddellijk op!

Appel-witlofsalade met postelein en tempé vegan

appel-witlofsalade ©Groene Prinses
Winterpostelein is een schattig plantje met zachte, malse blaadjes die boordevol vitaminen en mineralen zitten. De ideale basis voor een winters slaatje dus! Ik vulde het frisse groen aan met gekaramelliseerd witlof, gebakken appeltjes en kruimels gerookte tempé. Serveer de salade lauwwarm, dan komen al de smaken het best tot hun recht.

voor 2 personen, als lunch of bijgerecht

Ingrediënten
• 1 bosje winterpostelein, gewassen en drooggezwierd
• 2 kleine appels, geschild en klokhuis verwijderd
• 4 stronkjes witlof
• 2 tl ahornsiroop
• 150 g gerookte tempé
• 1 el shoyu of andere sojasaus
• 2 el olijfolie + extra om te bakken
• 1 el balsamicoazijn
• versgemalen zwarte peper
• fleur de sel of ander lekker zout

Zo maak je het
Verwijder eventuele harde steeltjes van de winterpostelein en verdeel de blaadjes over twee diepe borden.

Verkruimel de tempé en roer de shoyu erdoor. Laat een tiental minuten marineren.

Breng een kookpannetje met water aan de kook en voeg een snuifje zout toe. Blancheer de witlofstronkjes in hun geheel in 5 à 10 minuten (afhankelijk van de dikte) beetgaar en giet ze af.

Snijd de appelpartjes in plakjes. Verhit wat olijfolie in een koekenpan en bak de plakjes appel langs beide kanten tot ze lichtjes kleuren. Haal de appeltjes uit de pan en bak de tempékruimels krokant.

Verwijder het harde uiteinde van de geblancheerde witlofstronkjes en snijd de stronkjes vervolgens doormidden. Verhit opnieuw wat olijfolie in een pan en bak de halve stronkjes tot ze bruinen. Sprenkel de ahornsiroop erover en laat nog even karamelliseren. Let er wel op dat het witlof niet aanbrandt.

Klop 2 eetlepels olijfolie en de balsamicoazijn krachtig door elkaar en schenk de vinaigrette over de posteleinblaadjes. Verdeel het witlof, de appeltjes en de tempé erover. Kruid met peper en bestrooi met zout. Dien onmiddellijk op.

Wortel-kikkererwt-sinaassalade vegan

wortel-kikkererwtensalade ©Groene Prinses
Het is nooit te vroeg om goede voornemens te maken, dus ik begin er nu alvast aan. Ik wil meer salades eten. Voilà, nu ik het heb gezegd, moet ik me er ook aan houden.

Vooral in de winter krijg ik weleens het gevoel dat er te weinig verschillende verse groenten op mijn bord belanden, ook al ben ik als vegetariër in de eerste plaats een groente-eter. Salades zijn de ideale manier om wat extra groenten aan je avondmaaltijd toe te voegen of om je lunch groenterijk te maken. Zelfs in de winter zijn er tal van verrassende combinaties mogelijk.

Ik at deze kleurrijke salade met wat brood als lunch, maar je kunt hem net zo goed als bijgerecht serveren.

voor 2-4 personen, als lunch of bijgerecht

Ingrediënten
• 4 grote wortels, geschild
• 1 grote sinaasappel
• 200 g gare kikkererwten (uit blik, of geweekt en gekookt)
• 20 zwarte olijven (ontpit en doormidden gesneden)
• 1/2 bosje verse koriander, grof gehakt

voor de dressing:
• 1 el appelazijn
• 2 el argan- of macadamiaolie (of een andere notenolie)
• 1 klein scheutje oranjebloesemwater
• vers gemalen zwarte peper
• fleur de sel (of ander lekker zout)

Zo maak je het
Rasp de wortels fijn. Snijd de schil van de sinaasappel en snijd de vrucht vervolgens in plakjes. Snijd elk plakje in vieren.

Meng de geraspte wortels, de sinaasappelstukjes, de kikkererwten en de olijven in een kom door elkaar.

Klop de appelazijn, de olie en het oranjebloesemwater krachtig door elkaar. Roer de dressing door de salade. Bestrooi met korianderblad, peper en zout.

Serveer onmiddellijk.

Veel feestplezier!

Kerstmis ©Groene Prinses
Geniet allemaal van mooie, lekkere, uitbundige, creatieve, liefdevolle feestdagen! Een fijne kerst en veel geluk in het nieuwe jaar!

een warme groet,
de Groene Prinses

Pastinaakcake met ahornglazuur

pastinaakcake groene prinses 2

Sommige groenten zijn voorbestemd om in desserts te belanden. Pastinaak is wat mij betreft zo’n groente; met zijn zoete, kruidige smaak en crèmewitte kleur past hij prima in gebak. Wortelcake is inmiddels een klassieker, maar pastinaakcake smaakt nog net een tikje smeuïger, vind ik.

Deze cake proeft intens naar specerijen en is de ultieme traktatie na een winterse wandeling. Je maakt hem in een handomdraai. Nog een reden nodig om aan de slag te gaan? De pastinaak versmelt zo mooi in het gebak, dat zelfs wie niet van pastinaak houdt overstag gaat voor deze cake.

De wortelcake van Celia Brooks Brown (uit: Nieuw vegetarisch koken)
was een inspiratiebron voor dit recept.

pastinaakcake groene prinses 1
voor 1 kleine cake

Ingrediënten
• 250 g pastinaak, geschild en geraspt
• 200 g rietsuiker
• 2 eieren, geklutst
• 125 ml olijfolie
• 125 g zelfrijzende bloem
• 1 tl kaneel, gemalen
• 1 tl kardemom, gemalen
• 0,5 tl gemberpoeder
• 0,5 tl kruidnagelpoeder
• 0,5 tl zout

voor het ahornglazuur
• 40 g poedersuiker
• 4 tl ahornsiroop

• 10 halve walnoten

Zo maak je het
Verwarm de oven voor op 175° Celsius. Vet een kleine cakevorm in met wat olijfolie en bestrooi met een beetje bloem.

Meng de geraspte pastinaak met de suiker. Roer er de eieren door en vervolgens de olijfolie. Meng de bloem met de specerijen en het zout. Roer het bloemmengsel door het pastinaakmengsel.

Giet het beslag in de cakevorm en zet ca. 1 uur in de oven op 175° Celsius. Test of de cake klaar is door met een mes of breinaald in de cake te prikken. Komt het mes of de naald er schoon uit, dan is de cake gaar.

Laat de cake afkoelen in de vorm en laat hem vervolgens op een taartrooster helemaal koud worden.

Meng de poedersuiker met de siroop. Giet dit glazuur over de bovenkant van de cake. Druk de halve walnoten erin ter decoratie. Laat het glazuur hard worden.

Liebster Award!

LiebsterAwardLogoGisteren belandde er een leuk mailtje in mijn mailbox: Fiekefatjerietjes heeft me genomineerd voor een Liebster Award. Een wat?! Een Liebster Award… Het is een nominatie die wordt doorgegeven van blog tot blog, zodat bloglezers tal van nieuwe leuke blogs leren kennen. Hoe het werkt? Ik beantwoord de 11 vragen die ik kreeg van Fiekefatjerietjes en ik verzin zelf 11 nieuwe vragen. Die nieuwe vragen stuur ik naar 5 bloggers die ik zelf nomineer. Voilà! Het klinkt moeilijker dan het is :-) Lees hieronder mijn antwoorden, mijn vragen en de 5 blogs die ik jullie aanbeveel!

1. Met welk gebak kan men je blij maken op je verjaardag?
Een intense, diepbruine, zachte, enigszins vochtige chocoladetaart is een waar genot. Een paar frambozen erbij zorgen voor het perfecte contrast!

2. Welke stad zou je graag eens in een culinaire context bezoeken?
In New York wil ik weleens op culinaire ontdekkingstocht gaan. En Milaan staat ook hoog genoteerd op mijn ‘to eat’-lijstje (zie vraag 4).

3. Stel dat je één dag mocht koken met een bekende kok, wie zou je dan kiezen?
Yotam Ottolenghi mag me beslist leren goochelen met kleur en smaak! Al vrees ik dat koken met een bekende kok me veel te veel stress zou bezorgen :-)

4. In welk restaurant (wereldwijd) zou je graag eens gaan eten?
Joia in Milaan, een vegetarisch restaurant met een Michelin-ster!

5. Wat is je favoriete kookboek?
Er zijn er zoveel… Puur Vegetarisch van Paul Gayler, Plenty van Ottolenghi, de kookboeken van Celia Brooks Brown…

6. Wat zijn je favoriete kookblogs?
Love and lemons, Green kitchen stories, Have cake will travel

7. Als je zelf je droomkeuken zou mogen ontwerpen / inrichten, hoe zou die er dan uitzien?
Ik droom vooral van een keuken waar heel veel licht binnenvalt. Een groot aanrecht met een marmeren blad zou ik ook wel kunnen appreciëren, en veel kastjes om een ruim assortiment aan potten en pannen en servies in alle maten en kleuren in kwijt te kunnen. Het smeg-fornuis waar ik nu al op kook, moet er ongetwijfeld ook een plekje in krijgen.

8. Is er iets dat je absoluut niet lust?
Kaas. Behalve wanneer die kaas gesmolten is. En voor echte Parmezaanse kaas maak ik graag een uitzondering.

9. Stel: je moet iets klaarmaken voor een bekend/belangrijk/invloedrijk persoon. Wat zou je dan maken?
Dat hangt een beetje van de persoon af :-) Ik zou in de eerste plaats graag weten wat die persoon graag lust of absoluut niet. En verder zou ik heel erg mijn best doen om te bewijzen dat een vegetarische maaltijd tongstrelend kan zijn.

10. Wat heb je nog nooit klaargemaakt en beloof je klaar te maken in 2014?
Ik heb nog nooit zelf crème brûlée gemaakt, terwijl ik er verzot op ben. Maar ik waag me niet aan een belofte…

11. Wat staat er op je verlanglijstje voor Kerst?
Een crème brûlée-brandertje? :-)

Op deze vragen mogen mijn genomineerden een antwoord geven:
1. Wat zijn je 3 favoriete ingrediënten?
2. Welk vegetarisch gerecht reken je tot je toppers?
3. In welk restaurant (al dan niet in het buitenland) kun je volgens jou uitstekend vegetarisch eten?
4. Wat vond je als kind absoluut niet lekker en vind je nu niet te versmaden?
5. Welke groente vind jij ondergewaardeerd?
6. Welk keukenattribuut zou je niet meer kunnen missen?
7. Welk land vind je in culinair opzicht het interessantst?
8. Wie is jouw culinaire voorbeeld?
9. Wat mag er niet ontbreken op het kerstmenu dit jaar?
10. In welke winkel in België of Nederland moet een foodie beslist eens op ontdekkingstocht gaan?
11. Met welk ingrediënt zie je de Groene Prinses graag eens aan de slag gaan?

Dit zijn de blogs die ik graag een Liebster Award geef:
Wat maakt Suzette nu
De Yummyblogsisters
Ma vie en vert
In de keuken
Food before brains

Kikkererwtencurry met radijsraita


Wat is het rampzalig lang geleden dat jullie nog iets van de Groene Prinses hebben gehoord! Ik kan tal van excuses bedenken, zoals te veel redactiewerk, schrijfwerk dat voorrang krijgt op keukenexperimenten, dagen die te donker zijn om gerechtjes te fotograferen, en behoorlijk wat buitenlandse tripjes… Maar misschien moet ik in alle eerlijkheid bekennen dat ik ‘s avonds wat vaker kies voor een lui avondje tv kijken dan voor blogposts uitwerken. Het is nog wat te vroeg voor goede voornemens, maar toch: ik zal mijn uiterste best doen om weer wat meer keukenavonturen met jullie te delen!

Deze kikkererwtencurry is lekker verwarmend op koude dagen. Ik maakte het gerecht echter enkele weken geleden en dat verklaart waarom de radijsraita niet meer helemaal is aangepast aan het seizoen… Zou rodebietraita lekker zijn? Of een raita van knolselderij? Wie heeft er zin om te experimenteren?


voor 2-3 personen

Ingrediënten
voor de curry
• 1 el olijfolie
• 1 ui, gesnipperd
• 1 teen knoflook, grof gehakt
• ca. 4 cm verse gember, geschild en fijngehakt
• 1 chilipeper, zaadjes verwijderd en fijngehakt
• 1 tl mosterdzaad
• 0,5 tl kaneel
• 0,5 tl gemalen kardemom
• 1 tl gemalen komijn
• 1 tl gemalen korianderzaad
• 2 tl kerriepoeder
• 1 courgette, in blokjes
• 4 kleine wortels, geschild en in blokjes
• 1 blik kikkererwten (of geweekte en gekookte droge kikkererwten)
• 1 bokaal tomatenvlees
• peper
• zout
• een flinke handvol verse korianderblaadjes

voor de radijsraita
• 1 bosje radijsjes
• 2 dl dikke yoghurt (of sojayoghurt)
• 1 el olijfolie
• 1 el mosterdzaad
• 10 muntblaadjes, gesnipperd
• peper
• zout

Zo maak je het
Verhit de olijfolie in een ruime kookpan. Voeg de ui, de gember en de chilipeper toe en laat stoven tot de ui glazig wordt. Voeg de look en het mosterdzaad toe en laat – met het deksel op de pan – bakken tot de mosterdzaadjes beginnen te springen. Roer kaneel, kardemom, komijn, korianderzaad en kerriepoeder erdoor en laat nog eventjes bakken.

Doe de courgette- en wortelblokjes erbij en laat stoven tot de groenten beetgaar zijn. Zorg ervoor dat de groenten niet aanbakken. Voeg indien nodig een klein beetje water toe.

Doe de gare kikkererwten en de bokaal tomatenvlees bij de groenten en laat nog ca. 10 minuten op een laag vuurtje stoven. Breng op smaak met peper, zout en korianderblad.

Terwijl de curry pruttelt, maak je de radijsraita. Rasp de radijsjes tot fijne julienne. Gebruik hiervoor een keukenmachine of mandoline. Laat de geraspte radijsjes uitlekken en meng met de yoghurt, de muntblaadjes en peper en zout. Verhit de olijfolie in een pan en laat de mosterdzaadjes poffen. Garneer de raita met de mosterdzaadjes.

Dien de curry op met gekookte rijst of naan en serveer de raita erbij.

Bruschetta met courgette en dragonpesto


Kwaliteitsvolle groenten hebben niet veel nodig om voortreffelijk te smaken. Besprenkel tomaten met wat goede olijfolie, zwarte peper en bijzonder zout en je hebt in een mum van tijd een uitstekend voorgerecht. Bruschetta is ook zo’n eenvoudig, maar geweldig voorafje. De bekendste variant is die met tomaten, maar je kunt variëren zoveel je maar wilt. Gril wat groenten, maak pesto… en je bent vertrokken!

Vroeger dacht ik dat zout gewoon zout was, maar intussen weet ik wel beter. Ik was al langer een fan van fleur de sel, maar sinds mijn vakantie in IJsland ben ik helemaal verknocht aan IJslands zout: robuuste zoutvlokken die je in tal van varianten vindt. Een van mijn favorieten is het zout dat gerookt wordt met berkenhout – zalig op een gekookt aardappeltje – maar voor deze bruschette gebruik ik zout gemengd met wilde IJslandse tijm (Thymus praecox arcticus). Je kunt natuurlijk elke lekkere zoutsoort gebruiken!

Wie dit recept veganistisch wil maken, kan de Parmezaanse kaas weglaten of dit pestorecept gebruiken.


voor 2 personen

Ingrediënten
• 4 middelgrote sneden brood, niet te dun gesneden
• 1 jonge stevige courgette, in plakjes
• olijfolie
• ca. 50 g rucola
• lekker zout
• zwarte peper

voor de pesto:
• 2 handenvol verse dragonblaadjes
• 30 g versgeraspte Parmezaanse kaas
• 25 g pijnboompitten + wat extra
• 1 klein teentje look, fijngehakt (optioneel)
• 6-8 el olijfolie
• ca. 1 tl citroensap
• peper
• zout

Zo maak je het
Verwarm de oven voor op 175° Celsius.

Bestrijk de courgetteplakjes lichtjes met olie. Verhit een grillpan en gril de courgetteplakjes langs beide kanten tot ze bruine strepen vertonen. Haal ze uit de pan en laat ze afkoelen.

Strijk de sneden brood langs beide kanten in met olijfolie. Leg ze op een bakplaat en rooster het brood in de oven tot het lichtjes bruin en krokant is. Houd dit goed in de gaten, want brood verbrandt snel! Keer de sneden af en toe om.

Maak intussen de pesto door dragonblaadjes, Parmezaanse kaas, pijnboompitten en look fijn te malen in een blender (of met de vijzel als je graag handenarbeid verricht). Voeg beetje bij beetje de olijfolie toe tot je de gewenste consistentie hebt. Breng de pesto op smaak met zout, peper en citroensap.

Leg op elk bord 2 sneden brood. Bestrijk het brood met de pesto en verdeel de courgetteplakjes erover. Bestrooi met peper en lekkere zoutvlokjes. Garneer de bruschette met wat rucolablaadjes en in een droge pan geroosterde pijnboompitten. Dien onmiddellijk op.

Veggie in IJsland


Enkele weken geleden vertoefden we voor twaalf dagen in IJsland. Twaalf dagen vol innemende watervallen, borrelende bronnen, imposante vulkanen, malse weiden, heldere meren, grazende schapen, kwetterende vogels, aanminnige kerkjes, wonderlijke landschappen… en heerlijk eten! Vooral dat laatste kwam als een verrassing, want de reisgidsen die ik had gelezen lieten uitschijnen dat rotte haai, walvis en schapenhersenen tot de vaste waarden op de IJslandse menukaart behoren. Het zijn inderdaad typische IJslandse specialiteiten, maar als je ze wilt proeven ben je volgens mij langer op zoek naar een geschikt restaurant dan als je naar een vegetarische maaltijd verlangt…

Op haast alle plekken waar we hebben gegeten vond je wel een vegetarisch gerecht, wat je bijlange niet van alle Europese landen kunt zeggen… In sommige restaurants vond ik zelfs ontzettend verrassende vegetarische creaties.

Aan het meer Laugarvatn, in het gelijknamige dorpje, biedt Bistro Cafe Lindin een voortreffelijk driegangenmenu aan. Na een romige champignonsoep met huisgemaakte dillebroodjes kreeg ik een hoofdgerecht dat bestond uit kikkererwtenburgers met tomatensalsa, rodebiet- en wortelpuree en een kleine quiche van aardappel en pastinaak. Als dessert at ik skyrtaart met compote van rabarber en bessen.

Een menu dat heel wat IJslandse bijzonderheden bevat: zelf (lekker!) brood bakken doen ze in bijna elk restaurant, skyr is een typisch IJslands zuivelproduct dat het midden houdt tussen dikke yoghurt en verse kaas, en rabarber lijkt wel de nationale “vrucht”. Zelfs de tomaten kun je als een IJslands product beschouwen; men kweekt ze in serres die verwarmd worden door warmwaterbronnen…


In de IJslandse hoofdstad Reykjavik genoten we van een heerlijk lunch in Cafe Flora, de gezellige cafetaria van de botanische tuin. Ik deed me er tegoed aan een reuze bruschetta met rode biet, sinaasappel, pesto en rucola, bestrooid met bloemblaadjes en kruiden uit de tuin en IJslandse zoutvlokjes. Allerlei lokale kruiden vinden opvallend vaak hun weg in tal van gerechten.

Reykjavik telt ook een aantal zuiver vegetarische restaurants. Eentje daarvan is Graenn Kostur, waar je alle gerechten ook kunt afhalen. De soep met brood en hummus is een aanrader!

Wat in IJsland in behoorlijk wat dorpen en steden prima kan, is een appartementje huren waar je zelf kunt koken. De grotere supermarkten hebben vaak een goed aanbod aan biologische en vegetarische producten. En zelfs in de minisupermarktjes van piepkleine dorpjes vond ik steevast een schap met bioproducten die je bij ons uitsluitend in de natuurvoedingswinkel ziet. Solheimar is zelfs een heus ecologisch dorp in IJsland. In de plaatselijke biowinkel kun je o.a. lokaal bereide pesto’s en kruiden kopen.


Als je geluk hebt, is er in de buurt van je appartementje een warme bakker waar je ‘s morgens verse broodjes en zoetigheden kunt kopen. Probeer bijvoorbeeld de kleina, een soort van langwerpige doughnut met kardemomzaad. Genieten van zoete lekkernijen kan trouwens op veel plaatsen. Smullen van een lekkere wafel met een kopje thee in Fjöruhúsið, in de baai van Hellnar vlakbij een rots waar ontelbare vogels broeden, is een leuke ervaring.


Ook al kun je als vegetariër probleemloos door IJsland reizen, het is en blijft het land van de vis. Geen wonder dat er op elk IJslands muntstuk een andere vissoort prijkt. De eerlijkheid gebiedt me te zeggen (trouwe vegetariërs mogen nu even de ogen sluiten ;-) dat ik me zo nu en dan heb laten verleiden door een supervers visje…


Ik zou nog alinea’s lang kunnen doorgaan over dit boeiende noordelijke eiland, maar eigenlijk is mijn voornaamste tip: ga het zelf ontdekken, want geen woorden of beelden kunnen de opmerkelijke schoonheid van IJsland vatten.