de groene prinses

letters en lekkers voor veggies en andere smulpapen


Cakejes met peer en chocola

chocolade-peercakejes zonder suiker ©Groene Prinses
Na een drukke week met veel uithuizigheid, bracht ik gisteren een heerlijk dagje in mijn keuken door. De regen die tegen de ruiten tikte, overstemde ik met mooie muziek. En een keur aan groenten gaf de dag toch nog kleur. Miezerige dagen schreeuwen bij mij altijd om bakexperimenten, dus ik maakte niet alleen geurige groentegerechten, ik dacht ook na over gezond lekkers uit de oven.

Deze cakejes zijn louter gezoet met dadels en peer, en als je kiest voor glutenvrije haver, dan kunnen ook mensen met een glutenallergie ervan smullen.

voor ca. 10 cakejes

Ingrediënten
• 75 g dadels (zonder toegevoegde suiker!), ontpit
• 2 dl amandel-(rijst)melk (zonder toegevoegde suiker)
• 150 g zeer fijn gemalen blanke amandelen (of amandelmeel)
• 100 g havermout, fijn gemalen (of havermeel)
• 2 flinke el ongezoet cacaopoeder
• 1 tl kaneelpoeder
• 1 tl bakpoeder
• 1 flinke peer, niet al te rijp, geschild en in blokjes
• 1 ei
• 50 g kokosolie

Zo maak je het
Laat de dadels een uurtje weken in de amandel-rijstmelk.

Verwarm de oven voor tot 200° Celsius.

Meng in een grote kom de fijngemalen amandelen en havermout met bakpoeder, cacao en kaneel.

Pureer de dadels met de amandel-rijstmelk. Kluts het ei in dit mengsel.

Smelt de kokosolie op een zacht vuurtje.

Giet het amandel-eimengsel en de kokosolie bij de droge ingrediënten en roer alles snel, maar goed door elkaar. Meng de blokjes peer erdoor.

Leg papieren cakevormpjes in een muffinplaat en verdeel het cakemengsel erover. Laat 15 à 20 minuten bakken in de oven op 200° Celsius.

Test of de cakejes gaar zijn door er met een mes in te prikken. Komt het mes er quasi schoon uit, dan zijn de cakejes klaar. Laat ze afkoelen op een taartrooster.

Lekker gelinkt: 5 x goed zoet!

pecankoekjes zonder suiker ©Groene Prinses
Mijn ‘Dagen zonder suiker‘ zitten net over de helft en het gaat best goed. Al vrees ik dat ik zo nu en dan toch nog wat suiker heb gegeten. Op restaurant vraag ik namelijk niet bij elk gerecht na of het wel echt suikervrij is (laten we zeggen dat ik voornamelijk op mijn intuïtie vertrouw ;-), ik heb ongetwijfeld al brood gegeten waarin suiker zat en één keer bestelde ik per ongeluk iets met ketchup. Maar tegen koekjes, taartjes, dessertjes en alle producten die suiker in hun ingrediëntenlijstje hebben staan zeg ik dapper en resoluut ‘nee’.

Dat kost me niet overdreven veel moeite, maar toch zijn er momenten dat ik verlang naar iets zoets. Als ik na een lange dag vol lezingen (het is jeugdboekenweek, dus ik doorkruis Vlaanderen om in tientallen bibliotheken en scholen over mijn kinderboeken te vertellen) met mijn Geliefde in de zetel zit en hij snoept een stukje chocola, dan wil ik ook iets om op te knabbelen … Daarom ga ik in het weekend steevast aan de slag met recepten voor ‘alternatief gezoete’ gebakjes. Zelf veel experimenteren zit er op dit moment wegens de drukte niet in. Maar ik laat jullie graag kennismaken met mijn favoriete recepten van andere bloggers.

  • De havermoutkoekjes uit Pauline’s keuken staan bovenaan mijn lijstje, omdat ze helemaal geen toegevoegde zoetstoffen bevatten. Het zoet komt van de banaan! Een stevig koekje dat lekker vult.
  • De pecan-vanillekoekjes van VoedZo zijn een tikje vettig, maar wel super lekker van smaak. Ik gebruikte de zaadjes van een echte vanillepeul en maar drie eetlepels ahornsiroop in plaats van vijf. Meer dan zoet genoeg en met meer siroop zou mijn deeg te ‘nat’ geweest zijn. Het resultaat zie je op de foto hierboven.
  • Ik ben dol op alles wat ook maar enigszins lijkt op lemon curd, dus de Lemon & Coconut Bars van Green Kitchen Stories zijn een echte topper voor mij! Ik vind het wel lekkerder om de hoeveelheden kokos en amandel om te wisselen.
  • Chocolade doet het altijd goed en deze Chokoscake van ‘Cakeje van eigen deeg’ gaat er dan ook vlotjes in :-)
  • Dit recept heb ik nog niet uitgeprobeerd, maar staat al een poosje op mijn ‘to do list‘: koekjes met appel, boekweit en dadels. Heeft iemand ze al eens gemaakt?

Op mijn Pinterest bord ‘Sweet & good’ verzamel ik nog meer recepten van desserts en gebak zonder geraffineerde suiker. Maar tja, het blijft natuurlijk gebak. Af en toe langzaam genieten is beter dan alles in één keer opschrokken ;-)

Kruidige balletjes van cashewkaas vegan

balletjes van cashewkaas ©Groene Prinses
Jaren geleden proefde ik voor het eerste plantaardige ‘kaas’ op basis van cashewnoten en pijnboompitten in het Londense restaurant Saf. Ik was in de wolken en probeerde thuis iets te maken wat erop leek, maar zonder veel succes. Mijn cashewsmeersel proefde nogal flets. Ik liet het bij die ene poging en besloot dat plantaardige kaas maken toch vooral iets voor gespecialiseerde koks was …

Tot mijn fermenteerenthousiasme enkele maanden geleden de kop op stak en ik in The Art of Fermentation van Sandor Katz las dat hij allerlei notenpesto’s en ‘kazen’ laat fermenteren. Natuurlijk! Fermentatie! Een belangrijke stap die ik bij mijn eerst cashewkaasexperiment helemaal niet had toegepast. Door de notenbrij te laten fermenteren krijg je een echt ‘kazige’ smaak en een lichte textuur.

Makkelijk kan ook!
Op het internet vind je een hele hoop recepten (voornamelijk in het Engels) voor gefermenteerde plantaardige kazen. Meestal gebruiken deze recepten ‘rejuvelac’ als starter. Rejuvelac krijg je door gemalen granen te laten fermenteren in water.

Pft, een stap te veel voor mij. Als ik eerst een brouwsel moet maken voor ik aan de kaas kan beginnen, dan maak ik één keer kaas en daarna allicht nooit meer. Volgens Katz zijn er gelukkig veel meer mogelijkheden. Eigenlijk kan zowat alles waarin melkzuurbacteriën zitten als starter dienen: (soja)yoghurt, zuurkoolsap, miso … Omdat ik bijna altijd een potje gefermenteerde groenten in mijn koelkast hebt staan (koolrabi, wortelen, aardpeer …), lag de keuze voor de hand: gewoon een beetje van het pekelvocht waarin ik mijn groenten laat fermenteren. Geen extra werk!

Geduldig wachten en proeven
De fermentatietijd hangt af van de temperatuur en vooral van je eigen smaak. Proeven is de beste manier om te ontdekken of de kaas genoeg gefermenteerd is. Ik geef de voorkeur aan een heel lichte zurige smaak. Wil je de kaas wat pittiger, laat hem dan langer fermenteren.

Ook de textuur is een kwestie van smaak. Hoe langer je de kaasbrij laat uitlekken in een kaasdoek, hoe steviger hij wordt.

Omdat het mijn eerste experiment is, maakte ik slechts een kleine hoeveelheid. Kwestie van geen cashewnoten te verspillen. De volgende keer ga ik deze hoeveelheden verdubbelen, want ik heb vandaag bijna de volledige portie verorberd :-)

Ingrediënten

voor de cashewkaas:
• 100 g cashewnoten, minstens 6 u geweekt in water
• 2-3 el pekelvocht van gefermenteerde groenten (of experimenteer met een andere starter)
• eventueel wat extra water
• zout naar smaak

ter garnering:
• za’atar
• rozemarijn en grof gemalen zwarte peper
• gehakte verse peterselie

Zo maak je het
Laat de geweekte cashewnoten uitlekken en doe ze samen met het pekelvocht in de blender. Pureer tot een fijne, romige crème. Misschien moet je wat extra water toevoegen om de gewenste substantie te krijgen.

Schep de cashewcrème in een schoon kommetje en dek het af met een schone theedoek. Laat het kommetje 10-24 uur staan op kamertemperatuur. Proef regelmatig om te controleren of de kaas al voldoende gefermenteerd is. Als het fermentatieproces zijn werk doet, wordt de crème wat ‘luchtiger’ van textuur en krijgt hij een ietwat zurige smaak.

Breng de cashewkaas op smaak met wat zout. Proef goed, want het pekelvocht is ook al enigszins zout, dus misschien heb je niet veel extra nodig. Als je de cashewkaas stevig genoeg vindt, kun je hem zo eten. Heb je hem graag wat steviger, laat hem dan uitlekken in een kaasdoek.

Ik schepte mijn cashewcrème in een kaasdoek en knoopte die dicht met een koordje. Dat koordje hing ik aan de kraan boven de gootsteen, zodat het vocht daarin kon druppen. Ik liet de kaas zo vier uur uitlekken. Omdat de kaas op kamertemperatuur bleef, ging het fermentatieproces nog even verder. Wil je dat niet, dan moet je de kaas in de koelkast laten uitlekken. Dat kan door een vergiet te bekleden met kaasdoek en dat in een kom te zetten.

Is de kaas helemaal klaar, bewaar hem dan in de koelkast.

Kruidige variaties
Je kunt allerlei variaties maken door kruiden en specerijen door de kaas te mengen. Of je kunt –zoals op de foto – balletjes rollen van de cashewkaas en die door een aantal smaakmakers wentelen. Ik maakte drie soorten: een met za’atar (een mengeling op basis van sesamzaad, zout, sumak en tijm), een met rozemarijn en grof gemalen zwarte peper, en een met verse peterselie.

Mijn geliefde was vooral enthousiast over de versie met za’atar. Ik vond het rozemarijn-peperballetje dan weer heerlijk. En jij verzint vast nog wel een eigen favoriet?

Dagen zonder vlees of zonder suiker?

dagen zonder vlees ©Groene Prinses
De Dagen zonder vlees zijn begonnen! Van 18 februari tot 4 april gaan duizenden mensen de uitdaging aan om geen vlees te eten. Voor vegetariërs is dat uiteraard een koud kunstje, maar de mensen die doorgaans wel van een stukje vlees houden, kunnen ongetwijfeld wat extra steun gebruiken. Speciaal voor hen ging ik in mijn archief op zoek naar 10 lekkere vegetarische recepten die je zonder al te veel werk op tafel zet.

De website van ‘Dagen zonder vlees’ selecteerde mijn chili sin carne trouwens als een van de 40 recepten in de kijker. Ik ben benieuwd hoeveel mensen die chili de komende weken gaan proeven! Geef je me een seintje als hij op je menu verschijnt? :-)

Maaltijdsoep
Lekker gemakkelijk en voedzaam en ideaal voor koude dagen. Probeer eens de verwarmende maaltijdsoep met linzen of de maaltijdsoep met ravioli.

Uit de oven
Zolang de winter nog in het land is, voelen ovenwarme gerechten aan als de ultieme troost. Gratin van pasta, andijvie en tempéwitlofpasteitjes of zonnige wortelen voor wie al naar de zomer verlangt.

Een vleugje exotisme
De vegetarische keuken vindt haar inspiratie wereldwijd. In heel wat landen is eten zonder vlees vaak immers eerder een noodzaak dan een keuze. Mijn bloemkool-kikkererwtencurry smokkelt wat oosterse geuren en smaken binnen, terwijl pastel de choclo je meevoert naar Zuid-Amerika.

Leve de lente!
Zo nu en dan merk je het buiten al: de lente sluipt dichterbij. Tijd voor salades op je bord, zoals de appel-witlofsalade, of frisse gerechten als radijsjesquiche of doperwtenkoekjes met radijsjescouscous.

 

dagen zonder suiker ©Groene Prinses
Dagen zonder suiker

Omdat ik zelf al jarenlang vegetariër ben, kosten de dagen zonder vlees me helemaal geen moeite. Daarom ga ik op zoek naar een andere uitdaging, die goed is voor mijn lijf én het milieu. Van 18 februari tot 4 april probeer ik geen suiker te eten. Alternatieve zoetmiddelen zoals honing, ahornsiroop en kokosbloesemsuiker laat ik nog wel toe in deze periode, al probeer ik het gebruik ervan drastisch te verminderen. Opdat je zoetigheden met deze alternatieve suikers gemakkelijk zou terugvinden op mijn blog, maakte ik de tag goed zoet aan.

Zijn er nog vegetariërs die deze periode zonder suiker willen doorbrengen? Wie moedigt me aan? ;-)

Chocolade met geroosterde amandelen in ahornsiroop en zeezout vegan

chocolade met amandelen en zeezout ©Groene Prinses
Nog op zoek naar een Valentijnscadeautje? Laat de etalages vol kitsch links liggen, bind een keukenschort voor en maak zelf iets voor je geliefde. Deze chocoladebrokken met geroosterde amandelen in ahornsiroop en fleur de sel zijn zoet én goed. Er komt namelijk geen geraffineerde suiker aan te pas.

Breek de chocoladeplak in grote stukken, stop ze in een zakje met een feestelijke strik en je cadeautje is klaar! (Je hoeft je partner niet te verklappen dat het bijna geen werk kostte ;-) )

Heb je de ingrediënten om zelf chocolade te maken niet in huis, dan kun je natuurlijk ook prima kant-en-klare chocolade gebruiken, die je laat smelten. Kies dan voor kwalitatieve chocolade met minstens 70% cacao.

En als je nóg minder werk wilt, dan kun je stoppen na het roosteren van de amandelen in ahornsiroop. Die zijn gewoon zo uit het vuistje namelijk al heerlijk op zich!

Ingrediënten
• 100 g amandelen
• 1 el ahornsiroop

voor de chocolade:
• 100 g cacaoboter
• 1 el kokosolie
• 2-4 el ahornsiroop, honing, kokosbloesemnectar of granenstroop naar smaak
• 45 g ongezoet (eventueel raw) cacaopoeder
• 1 vanillestokje
• 0,5 tl fleur de sel (of ander lekker zeezout)

Zo maak je het
Verwarm de oven voor tot 150° Celsius.

Meng de amandelen met de ahornsiroop, zodat alle amandelen mooi met een laagje siroop omgeven zijn. Leg de amandelen op een met bakpapier beklede bakplaat en rooster ze 20 minuten in de oven. Roer de amandelen om de vijf minuten goed door elkaar.

Laat ze helemaal afkoelen.

Smelt de cacaoboter en de kokosolie in een kom au bain-marie. Haal de kom van het hete water weg.

Snijd het vanillestokje open en schraap de zaadjes eruit. Doe ze bij de cacaoboter. Voeg je zoetmiddel toe en roer het rustig maar krachtig door de cacaoboter. Begin met slechts twee eetlepels; je kunt later nog altijd extra zoeten.

Roer het cacaopoeder door het mengsel, tot het volledig is opgelost. Proef en voeg eventueel nog wat zoetmiddel toe.

Laat het chocolademengsel een klein beetje opstijven, zodat het wat minder makkelijk ‘uitloopt’. Je moet het echter nog wel goed kunnen gieten. Giet de chocolade over de geroosterde amandelen.

Strooi hier en daar wat fleur de sel of andere zoutvlokjes over de chocolade. Laat hem helemaal hard worden.

Breek de chocolade in grove stukken.

70 groene smoothies (in één boek)

70groenesmoothiesMeer groene groenten eten, nam ik me bij het begin van het nieuwe jaar voor. Niet dat ik nooit groene groenten eet, hoor. Ze verschijnen geregeld op mijn menu. Maar omdat groene bladgroenten tjokvol vitaminen en mineralen zitten, kan een beetje extra beslist geen kwaad. Niets zo gemakkelijk als een groene smoothie drinken om meteen een flinke dosis gezond groen binnen te krijgen.

Zo nu en dan maakte ik al weleens een groene smoothie. Mijn great green smoothie is trouwens nog altijd een geliefd receptje. Maar toegegeven: ik kon wel wat extra motivatie en inspiratie gebruiken. Als ik aan groene smoothies dacht, kwam ik toch altijd een beetje bij dezelfde ingrediënten uit en na een paar keer dapper mixen, begon ik steevast op te zien tegen het afwassen van de blender.

Het boek 70 groene smoothies van Marjolijn van der Velde kwam dus als geroepen! Marjolijn presenteert in dit boek niet alleen een mooie verzameling recepten, ze geeft ook uitvoerig informatie over de voordelen van groene smoothies, ze gaat enthousiast in op het ‘wat’ en ‘hoe’ en geeft tal van tips om gemotiveerd te blijven blenden. Zo is er bijvoorbeeld een hoofdstukje over ‘groene smoothies in de winter’ met ideetjes om smoothies in de winter wat verwarmender te maken. Door gember of kaneel toe te voegen associeer je de drankjes al meteen een stuk minder met zonovergoten dagen.

Dat Marjolijn een pleidooi houdt voor biologische, seizoensgebonden en lokale groenten kan ik alleen maar toejuichen, ook al duiken er in de recepten geregeld mango’s, bananen en ananassen op …

Wat minder enthousiast ben ik over het hoofdstukje ‘superfoods’. Ook in mijn keuken vind je weleens wat gojibessen of chiazaad (vooral uit nieuwsgierigheid), maar ik blijf toch wat mijn bedenkingen hebben bij al die ‘wonderingrediënten’. Het gaat bijna altijd om exotische producten met een flinke ecologische voetafdruk en ik vraag me af of ze écht zo’n groot effect hebben op je gezondheid. Een overvloed aan ‘gewone’ groenten en vruchten lijkt me nog altijd het voornaamste.

Marjolijn raadt aan om elke dag groene smoothies te drinken en bij voorkeur zelfs tot 1,5 liter per dag. Maar dat vind ik persoonlijk net wat te veel van het goede. Vooral omdat de schrijfster erbij vertelt dat je maaltijden gerust door groene smoothies kunt vervangen als je wilt afvallen. Ik vind groene smoothies een leuke aanvulling zo nu en dan, maar geloof er toch in dat veel groenten éten, aangevuld met gezonde vetten en eiwitten, prioritair is. We hebben tanden om te kauwen, toch? En pas bij het kauwen komt er voldoende speeksel vrij dat helpt bij de vertering.

Hoe dan ook, 70 groene smoothies is een mooi boek, dat dankzij een frisse vormgeving aanstekelijk werkt. Een pluimpje ook voor de fotografen (groene smoothies fotograferen is geen sinecure, weet ik uit ervaring), want zelfs de ietwat bruinachtige brijtjes zien er smakelijk uit.

Sinds ik het boek in huis heb, maakte ik al enthousiast verschillende groene smoothies, ook al waren het eigen improvisaties. Maar dat maakt niet uit. Ik gebruik 70 groene smoothies zoals ik al mijn kookboeken gebruik: als een inspirerende, motiverende leidraad om zelf te experimenteren. En in dat opzicht zal ik dit boek zeker nog vaak ter hand nemen. Nu alleen nog hopen dat ik het afwassen van de blender niet te snel beu word …

(70 groene smoothies is een uitgave van uitgeverij Lannoo.)

Boekweit-banaanpannenkoekjes

boekweit-banaanpannenkoekjes ©Groene Prinses
We hebben allemaal af en toe nood aan comfort food, toch? Eind januari-begin februari ben ik de donkere winterdagen doorgaans meer dan beu, ook al moet ‘het ergste’ dan vaak nog komen. Geen betere remedie tegen winterdipjes dan op een luie zondagochtend lekker decadent ontbijten. Laat het buiten maar koud en donker zijn; binnen geurt het naar kaneel en is de thee behaaglijk warm.

Een decadent ontbijt hoeft trouwens niet synoniem te zijn met ongezond. Vers gebakken brood, een paar groentebelegjesyoghurt met granola en fruit, een groene smoothie … mogelijkheden genoeg om je tafel gezond te vullen. En als zoet extraatje boekweit-banaanpannenkoekjes!

Je maakt deze smakelijke pannenkoekjes met je ogen dicht. Ze zijn niet heel zoet van zichzelf, dus je kunt ze naar smaak bij zoeten. Ik druppel er het liefst kokosbloesemnectar over, maar ahornsiroop, honing of granenstroop kunnen natuurlijk net zo goed.

De speltbloem die ik voor deze pannenkoekjes gebruik, zit een beetje tussen wit en volkoren meel in. Eventueel kun je een beetje wit en volkoren meel mengen om hetzelfde resultaat te krijgen.

voor 2-3 personen

Ingrediënten
• 100 g lichte speltbloem
• 50 g boekweitbloem
• 1 el kokosbloesemsuiker (of iets anders zoets)
• 1 tl bakpoeder
• 1 tl kaneelpoeder
• 1 snuifje zout
• 25 g boter, gesmolten
• 1 ei, geklutst
• 2 bananen, fijngeprakt
• 125 ml amandelmelk
• een beetje extra boter, kokosolie of olijfolie om te bakken

voor de garnering:
• een paar geroosterde pecan- of walnoten
• kokosbloesemnectar, honing, ahornsiroop …

Zo maak je het
Meng alle droge ingrediënten in een grote kom.

Roer in een maatbeker de gesmolten boter, het ei, de amandelmelk en de geprakte bananen goed door elkaar.

Giet dit mengsel bij de droge ingrediënten en roer alles kort en krachtig door elkaar.

Verhit wat olie of boter in een koekenpan en schep per pannenkoekje een flinke eetlepel beslag in de pan. Bak de pannenkoekjes aan beide kanten goudbruin.

Serveer de pannenkoekjes warm met geroosterde noten en wat nectar, honing of siroop.

Gezond genieten bij Kofika

kofika ©Groene PrinsesWe waren al wekenlang nieuwsgierig: er zou een nieuwe zaak komen op de hoek van onze straat … Toen op 6 januari de deuren van Kofika voor het eerst openden, was ik meteen door het dolle heen. Kofika bleek niet alleen een gezellig adresje voor koffie en thee, de lunchkaart was ook nog eens gevuld met uitsluitend biologische en vegetarische gerechten. En dat op slechts enkele meters van onze voordeur!

Intussen hebben we dit nieuwe adresje al uitgebreid getest én goedgekeurd. De koffie en de thee zijn van Cuperus. Prima kwaliteit dus. Het ontbijt, de lunchgerechten en de gebakjes – die allemaal dagvers zijn en voortdurend wisselen – worden gemaakt door Les Odettes. De gerechten zien er kleurrijk en kraakvers uit.

Ik geniet van een boterham met zoete aardappelspread, terwijl mijn tafelgenoten zich te goed doen aan een zwarte bonenburger met pastinaakfrietjes, en een stevige soep van geroosterde groenten. Beslist geen standaard lunchgerechten, maar originele creaties die je ook nog eens een super gezond gevoel geven.

Zelfs de gebakjes passen helemaal bij goede voornemens om minder te snoepen, want ze zitten vol voedzame ingrediënten en zijn lekker ‘alternatief’ gezoet. Ook voor wie raw eet, is er meestal wel iets zoets in de aanbieding.

Een heerlijke nieuwe aanwinst in Antwerpen voor wie gezond vegetarisch wil genieten!

Kofika, Doornelei 2, 2018 Antwerpen

Veel geluk in 2015!

Groene Prinses 2015
Ik wens jullie een jaar vol kook- en eetplezier, warmte, gezelligheid, aangename verrassingen en onverwacht avontuur.

Het begin van het nieuwe jaar is echter niet alleen het moment om jullie veel geluk toe te wensen, maar ook om jullie te bedanken voor alle bijzonder leuke reacties en berichten die ik het afgelopen jaar mocht ontvangen. Jullie enthousiasme is de motor achter mijn blog! Ik kijk er al naar uit om jullie in 2015 weer een heleboel recepten en reisverslagjes te presenteren.

Wat ik nog meer wil in 2015? Dat lees je op het lijstje hieronder. Goede voornemens, weet je wel ;-)

voornemen2015 ©Groene Prinses
En wat zijn jouw plannen, dromen, verlangens en voornemens?

 

Witte chocoladetaartjes (raw & vegan!) vegan

witte chocoladetaartjes raw ©Groene Prinses
Op de valreep (of net te laat?) nog een kerstdessert. Voor piekeraars die nog altijd niet weten hoe ze hun kerstdiner moeten afsluiten of voor mensen die vinden dat je een heel jaar door kerst kunt vieren :-) Want natuurlijk doen deze taartje het goed bij elke feestelijke gelegenheid!

Ze zijn helemaal raw, veganistisch en glutenvrij, dus iedereen kan mee smullen!

Omdat deze taartjes behoorlijk machtig zijn, serveer je ze maar beter niet na een zware maaltijd.

Voor sommige ingrediënten, zoals kokosbloesemnectar of rauwe cacaoboter, zul je even naar een (grote) natuurvoedingswinkel moeten. In behoorlijk wat onlinewinkels vind je deze producten ook. Ben je geen veganist, dan kun je in plaats van kokosnectar ook rauwe honing gebruiken.

Geniet allemaal van fijne feestdagen, met gezellig kook- en eetplezier!

voor 6 taartjes

Ingrediënten
voor de bodem:
• 50 g donkere rauwe chocolade, grof gehakt
• 60 g pistachenoten (ongeroosterd en ongezouten!)
• 2,5 el kokosolie
• 2,5 el kokosnectar

voor de witte chocoladevulling:
• 200 g rauwe cashewnoten (een nachtje geweekt in water)
• 8 el kokosnectar (of rauwe honing)
• 1 vanillestokje
• 3 dl amandelmelk
• 100 g rauwe cacaoboter

voor de garnering:
• 2 tl cacaopoeder (rauw)
• 0,5 tl kaneel

Je hebt ook 6 metalen dresseerringen nodig van 6 à 6,5 cm doorsnede. Eventueel kun je ook één grote taart maken in een springvorm.

Zo maak je het
Maal de pistachenoten en de chocolade in een keukenmachine fijn.

Smelt de kokosolie au bain-marie (voor raw fooders is het belangrijk dat de olie niet boven de 40° C wordt verhit).

Roer de kokosolie en de nectar goed door het chocolade-pistachemengsel.

Zet elke metalen ring op een bordje. Verdeel het mengsel over de ringen en druk het goed aan tot je telkens een dunne bodem hebt.

Zet de bordjes in de koelkast en laat de bodems minsten een halfuur opstijven.

Giet de geweekte cashewnoten af. Snijd het vanillestokje doormidden en schraap de zaadjes eruit. Doe de cashewnoten, de nectar, de vanille en de amandelmelk in een keukenmachine en mix tot je een glad mengsel hebt. Hoe gladder, hoe beter.

Smelt de cacaoboter au bain-marie (niet boven de 40°C). Giet de gesmolten cacaoboter bij het cashewmengsel en mix nog even grondig.

Verdeel het mengsel over de opgesteven bodems in de ringen. Zet de bordjes terug in de koelkast en laat de taartjes minstens 8 uur opstijven.

Haal de taartjes voor het serveren uit de koelkast. Haal de ringen eraf. Gaat dit moeilijk? Verwarm de ringen dan even met je handen en trek ze daarna heel voorzichtig naar boven.

Meng het cacaopoeder met het kaneelpoeder. Knip eventueel figuurtjes uit papier en leg die op de taartjes. Bestrooi ze met het cacaomengsel. Haal de papiertjes weg en serveer onmiddellijk!